Toezicht is het beoordelen of een handeling of zaak voldoet aan de eisen, en ingrijpen als dat niet het geval is. Met deze taak zijn verschillende toezichthouders belast. Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is verantwoordelijk voor het algemene beleid en het stellen van kaders voor het toezicht.
Inspecties en toezichthouders
Er zijn nu tien rijksinspecties, die onderdeel uitmaken van ministeries. Daarnaast functioneren toezichthouders als zelfstandig bestuursorgaan op basis van het instellingsmotief ‘onafhankelijke oordeelsvorming’. Het gaat hier om de markttoezichthouders, zoals de ACM en de Kansspelautoriteit.
Bij beleidsontwikkeling dienen toezichthouders vanuit hun kennis over de praktijk een onafhankelijk oordeel te geven. Tussentijds informeren toezichthouders beleid, politiek en samenleving over de stand van zaken van datgene wat het kabinet in de maatschappij wil bereiken.
Achteraf dienen bij beleidsevaluaties de bevindingen van toezichthouders te worden meegenomen. Bevindingen van toezichthouders spelen zo een rol bij het opstellen van nieuw beleid en het aanpassen van bestaand beleid.
Een zeer grote toezichthouder (circa 2.450 fte) met een breed en divers takenpakket is de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA). De NWA wordt geleid door een inspecteur-generaal. De organisatie bestaat uit zes directies met daaronder divisies en afdelingen, en heeft ook de National Plant Protection Organisation in huis.
Een kleinere toezichthouder (circa 30 fte) is de Inspectie Overheidsinformatie en Erfgoed, die onder leiding staat van een directeur.
Op de site van de inspectieraad is een interactieve presentatie te vinden over haar leden, maar ook een lijst met toezichthouders die geen lid zijn van de inspectieraad.
Goed toezicht voldoet aan de zes principes uit de Kaderstellende Visie op Toezicht (KVoT) . Toepassing van deze principes leidt tot eigentijds toezicht, dat het perspectief van de samenleving centraal stelt. Deze visie bevat de volgende principes (3 uit de KVoT 2001, 3 uit die van 2005):
- onafhankelijk (los van onder toezichtstaande of andere belanghebbenden kunnen onderzoeken, oordelen en ingrijpen);
- transparant (keuzes uitleggen, toezichtbevindingen openbaar maken en achteraf verantwoording afleggen);
- professioneel (constante ontwikkeling van professie op individueel, organisatie- en beroepsgroepniveau);
- selectief (nagaan in hoeverre de overheid zelf toezicht moet houden en maatwerk in vorm en omvang op basis van risicomanagement);
- slagvaardig (zacht waar het kan, hard waar het moet, ingrijpen waar nodig, zakelijkere benadering);
- samenwerkend (burgers, bedrijven en instellingen zo min mogelijk last bezorgen, keuzes maken in vorm, inhoud en intensiteit van samenwerking).
Rijksinspecties
De inspecties van het Rijk hebben een zo hoog mogelijke positie binnen het ministerie, direct onder de SG. Er zijn op dit moment tien rijksinspecties, die samenwerken in de Inspectieraad. Dit zijn:
- Rijksinspectie Digitale Infrastructuur
- Inspectie Overheidsinformatie en Erfgoed
- Inspectie Leefomgeving en Transport
- Inspectie van het Onderwijs
- Inspectie Justitie en Veiligheid
- Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid
- Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit
- Staatstoezicht op de Mijnen
- Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd
- Inspectie Veiligheid Defensie
Een inspecteur-generaal (IG) geeft leiding aan een rijksinspectie (bijvoorbeeld de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd of de Inspectie Justitie en Veiligheid) en zorgt ervoor dat er goed en onafhankelijk toezicht wordt gehouden op de naleving van regels binnen het maatschappelijk terrein waar de betreffende rijksinspectie actief is. De IG kan ingrijpen of een minister waarschuwen als bedrijven of instellingen die regels niet naleven of de veiligheid in gevaar brengen. Ook legt de IG verantwoording af aan de politiek en de samenleving en waakt ervoor dat de rijksinspectie altijd onafhankelijk kan blijven oordelen.
Aanwijzingen rijksinspecties
Voor rijksinspecties gelden sinds 2016 Aanwijzingen van de minister-president.
Wet op de Rijksinspecties
Momenteel is er een kaderwet voor rijksinspecties in de maak, die de onafhankelijkheid van het toezicht door deze inspecties beter moet vastleggen. De kaderwet zal op een toekomstig moment in werking treden.
De governance van rijksinspecties wordt momenteel verder uitgewerkt in de toekomstige Kaderwet op de rijksinspecties.
Toezicht binnen ministeries
Een zeer grote toezichtsorganisatie met een breed takenpakket kan de status krijgen van een directoraat-generaal. Zo'n organisatie wordt inspectie genoemd, en staat binnen het ministerie op hetzelfde niveau als andere directoraten-generaal. Een inspecteur-generaal voert overheidstaken uit met een zeer grote complexiteit, kent zwaar extern overleg en een structureel politiek en maatschappelijk afbreukrisico. De instellingscriteria staan in het Kader Topstructuur en Topfuncties Rijk 2026.
Voor taken met minder complexiteit, minder zwaar overleg of minder afbreukrisico kunnen inspecties met de status van directie worden opgericht. Een kleine organisatie met toezichtstaken, met een beperkte complexiteit, kan ook onderdeel vormen van een directie.